Bodem

Laten we het liefde noemen

Toen ik kort de hemel raakte

Wat maakte dat je blik verzachtte

Laten we het verdriet vergeten

Nu we weten

Dat je bodem dieper is

Dan we dachten

Ware zinnen

De geheimen van dit boek
Sluipen langzaam binnen
Het gevoel in zwart op wit papier
Ik voel
Ik proef
Ik weeg en
Slik ze in
Ze vallen diep ze vallen zwaar

Ik buig mijn hoofd
Voor ware zinnen

Herfst

Schilfers van blad
Struikelend
Valt de winter in
Aarde geur
Vol van jaar
Trekt zich terug in haar kom
De zwaarste tak valt
Met zonlicht opzij
In rafelende kleuren

Begrensde dromen

In het land van lachend vuur
Stroomt het pad van verdreven tranen
Uit witte velden loopt de draad

Zie toch de liefde

Brandpunt uit zweet in bloed
Daar huilde de aarde
Zich troostend met droog katoen

Uit geputte grond

De Moeder staat op en voedt haar kind
Het kind dat al zijn kleuren kent
Zal leren staan het volgende uur

Kent zij haar kans

Mijn deel

Het loden wolkendek
Drukt op mijn gemoed

Ik moet zoveel
Wat ik wil

Het eerlijke stukje van mijn deel
En een eigen kleine stille plek

Gelijkenissen

Van buiten zijn we
Geen een gelijk

Als ik naar binnen kijk
En tracht te overzien
Zie ik meer gelijkenissen
Dan verschillen

Misschien

Vandaag

Nu is hier
Mijn blikveld
Telt
Vandaag is voldoende
Geen gejakker en geren
Ik ben

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑