Deurbel

In het mistig lantaarn licht
Stille gesloten deuren
Vage contouren in het venster
De gastvrije open gordijnen
Omvatten kille kleuren van eenzaamheid

Grijs met zwarte randen
En het onderscheidend wit
Van de deurbel

Allen die ik Lief

Vanuit het feestbezinksel
Neem ik de touwladder
Van de slaap
Tree na tree de stilte in

Dan het schel luiden van de bel

Ik weet het
Maar
Als het kan
Roep dan zacht mijn naam
Opdat zij niet schrikken
Allen die ik lief
Zo lief heb gehad…..

Open mij

Je volle liefde
In vleugels die omhelzen
Ik voel de witte stof
Teken de baleinen

Mijn adem stokt

Jij!

Open mij
Dan zal ik zelf sluiten
En laat ik leven vieren
Binnenin en buiten

Bodem

Laten we het liefde noemen

Toen ik kort de hemel raakte

Wat maakte dat je blik verzachtte

Laten we het verdriet vergeten

Nu we weten

Dat je bodem dieper is

Dan we dachten

Ware zinnen

De geheimen van dit boek
Sluipen langzaam binnen
Het gevoel in zwart op wit papier
Ik voel
Ik proef
Ik weeg en
Slik ze in
Ze vallen diep ze vallen zwaar

Ik buig mijn hoofd
Voor ware zinnen

Herfst

Schilfers van blad
Struikelend
Valt de winter in
Aarde geur
Vol van jaar
Trekt zich terug in haar kom
De zwaarste tak valt
Met zonlicht opzij
In rafelende kleuren

Begrensde dromen

In het land van lachend vuur
Stroomt het pad van verdreven tranen
Uit witte velden loopt de draad

Zie toch de liefde

Brandpunt uit zweet in bloed
Daar huilde de aarde
Zich troostend met droog katoen

Uit geputte grond

De Moeder staat op en voedt haar kind
Het kind dat al zijn kleuren kent
Zal leren staan het volgende uur

Kent zij haar kans

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑